Saturday, January 18, 2014

Zijn de vocalisaties van orka’s een taal? [Dutch]

Orka's (Orcinus orca).
[Verschijnt zaterdag 18 januari 2014 in NRC] 

Waarom zouden we de vocalisaties van orka’s geen taal noemen, vraagt een lezer zich af in een ingezonden brief in het NRC Handelsblad n.a.v. het essay van Tijs Goldschmidt (bijlage wetenschap, 4 januari; De brief is hier te lezen).

Goede vraag. En de in de brief genoemde argumenten om fluitjes, gegalm, geklik en geknetter van orka’s (maar ook liedjes van zangvogels) taal te noemen worden vaker geopperd. Toch wordt de visie van de briefschrijver wat verkleurd door een taalbril. Zoals taalkundigen in hun enthousiasme nogal eens geneigd zijn om een grote diversiteit aan culturele-, sociale- én biologische verschijnselen te interpreteren als ‘talig.’ Wij menen daarentegen dat de vocalisaties van orka’s eerder verwant zijn met muziek dan met taal.

De melodische, ritmische en dynamische aspecten van het orkalied, aspecten die taalkundigen graag onder de term ‘prosodie’ scharen, zijn feitelijk de bouwstenen van muziek. In de ontwikkeling van de mens is de gevoeligheid voor 'muzikale prosodie’ al actief zo’n drie maanden voor de geboorte, om pas veel later – rond de zes maanden – een rol te gaan spelen in wat we taal plegen te noemen, zoals het herkennen van woordgrenzen (cf. Mattys et al., 1999).

NRC 20140118
Als een liedje 'complex' is, wil dat bovendien niet zeggen dat het zich houdt aan de regels van een grammatica zoals die voor een menselijke taal gelden. Het is ook onduidelijk of de syntaxis, de onderliggende structuur van het orkalied, zich wel laat vergelijken met menselijke taal (cf. van Heijningen et al., 2009), zoals dat ook bij zangvogels onder discussie staat (Berwick et al., 2013; Bolhuis & Everaert, 2013). Voor zover nu bekend komen vocalisaties dichter in de buurt van muziek. Daarom lijkt het voorlopig adequater te spreken van liedjes, net zoals onderzoekers dat bij zangvogels gewoonlijk doen.

Tijs Goldschmidt
Henkjan Honing

ResearchBlogging.orgBolhuis, JJ, & Everaert, M (2013). Birdsong, speech, and language: exploring the evolution of mind and brain. Cambridge, MA: MIT Press.

ResearchBlogging.orgBerwick RC, Okanoya K, Beckers GJ, & Bolhuis JJ (2011). Songs to syntax: the linguistics of birdsong. Trends in cognitive sciences, 15 (3), 113-21 PMID: 21296608
 
ResearchBlogging.orgMattys, S. L., Jusczyk, P. W., Luce, P. A., & Morgan, J. L. (1999). Phonotactic and Prosodic Effects on Word Segmentation in Infants. Cognitive Psychology, 38(4), 465–494. Retrieved from http://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S0010028599907211

ResearchBlogging.orgvan Heijningen CA, de Visser J, Zuidema W, & ten Cate C (2009). Simple rules can explain discrimination of putative recursive syntactic structures by a songbird species. Proceedings of the National Academy of Sciences of the United States of America, 106 (48), 20538-43 PMID: 19918074

3 comments:

Anonymous said...

Hieronder een reactie van Niels Schiller (neurolinguistiek), Claartje Levelt (kindertaalverwerving) en Carel ten Cate (gedragsbiologie), allen verbonden aan de Universiteit Leiden:

"Wanneer is een communicatiesysteem een taal?

Afgelopen zaterdag (NRC Weekend 18 & 19 januari, W9) reageerden Tijs Goldschmidt en Henkjan Honing op een ingezonden brief van Paul van Dongen (NRC Weekend 11 & 12 januari, W9) met de vraag waarom het communicatiesysteem van orka's niet als taal beschouwd zou kunnen worden (Tijs Goldschmidt, NRC Weekend 4 & 5 januari, W4-5). "Goede vraag", zeggen Goldschmidt en Honing, maar een echt antwoord geven ze niet, behalve dat ze goede argumenten noemen waarom orka-geknetter en -geklik misschien meer op muziek dan op taal lijkt. Op de vraag van Van Dongen kan ook niet gemakkelijk een antwoord worden gegeven want het is niet precies gedefinieerd wanneer een communicatiesysteem een taal genoemd mag worden. Wanneer “taal” gedefinieerd wordt als het overdragen van informatie via (vocale) signalen valt ook de communicatie van dieren daaronder. Maar in de regel beschouwen we een communicatiesysteem pas als taal wanneer het een aantal kenmerkende eigenschappen heeft: taal wordt door een leerproces verworven; er is geen relatie tussen de klank en de betekenis van een woord; de syntaxis geeft combinaties van woorden betekenis, waardoor we kunnen communiceren over dingen die zich in het verleden, de toekomst of elders afspelen. En zo zijn er meer kenmerken. Onderzoek naar communicatie heeft laten zien dat dit soort “talige” eigenschappen ook bij diverse niet-menselijke diersoorten aanwezig kunnen zijn – maar niet allemaal tegelijk in één soort en in een veel beperktere vorm.

De enige eigenschap waarvan werd gedacht dat die uniek voor taal zou zijn is recursiviteit. Recursiviteit is het fenomeen van inbedding van een bepaalde syntactische structuur in dezelfde structuur op een lager niveau, zoals "De hond [die aan de weg {die door de stad loopt} staat] blaft". Afgelopen decennium leidde de claim van uniciteit tot verhitte discussies tussen gedragsbiologen, taal- en cognitiewetenschappers, en psychologen. Zo beweerden Gentner en zijn collega's in 2006 dat spreeuwen in staat zijn recursieve structuren te verwerken. Inmiddels is aangetoond dat er veel haken en ogen aan dat onderzoek zaten, en onderzoek met een andere soort (zebravinken) heeft tot nu toe niet kunnen aantonen dat die (of andere diersoorten) in staat zijn recursieve structuren te verwerken (zie ook Van Heijningen et al., 2009). Maar het is mogelijk dat ook deze eigenschap in de toekomst in rudimentaire vorm bij een andere diersoort gevonden wordt."

[voor vervolg zie volgende comment]

Anonymous said...



​[vervolg comment van Schiller, Levelt en Ten Cate]

"Een belangrijk kenmerk van de menselijke taal dat in deze discussie nog niet genoemd is, is creativiteit. Toen één van ons twee weken geleden bij een bezoek aan de huisarts vertelde dat wij mensen de meeste uitingen die we maken nooit eerder hebben gehoord en de meeste uitingen ook nooit nog een keer zullen maken, keek hij heel verrast. Dat had hij zich nog niet gerealiseerd. Dit kan alleen maar omdat wij mensen de regels van ons communicatiesysteem (de grammatica) op een creatieve manier gebruiken, en steeds nieuwe verbindingen van woorden kunnen maken die door anderen begrepen worden. Waarschijnlijk is de complexiteit van de menselijke cognitie hiervoor verantwoordelijk. Dit creatieve gebruik van communicatie-elementen is voor geen enkele diersoort aangetoond. Orka's en zangvogels veranderen de liedjes wel eens, en sommige vogels variëren hun zang zodanig dat ze nooit dezelfde reeks herhalen maar eindeloos de volgorde van elementen variëren. Deze variatie van elementen levert geen verschil in betekenis van het liedje op. Het creatieve gebruik van de combinatie (syntaxis) van elementen (morfemen, woorden) van de mens daarentegen levert wél semantische verschillen en nuances op.
​Wellicht is het daarom het handigst om “taal” als term voor communicatiesystemen met de combinatie van eigenschappen zoals boven genoemd te reserveren. De communicatie van orka’s is dan geen taal, en lijkt, zoals Tijs Goldschmidt en Henkjan Honing beweerden, meer op muziek.

Referenties

Gentner, T. Q., Fenn, K. M., Margoliash, D., & Nusbaum, H. C. (2006). Recursive syntactic pattern learning by songbirds. Nature, 440, 1204-1207.

Van Heijningen, C. A. A., de Visser, J., Zuidema, W., & ten Cate, C. (2009). Simple rules can explain discrimination of putative recursive syntactic structures by a songbird species. PNAS, 106, 20538–20543.


Henkjan Honing said...



Op Facebook is een parallele discussie aan de gang. In antwoord op de definitie-valkuil, schreef ik:

"In [1] the pitfall of defining music (or language for that matter) is discussed as follows:

'Can birdsong, the song structure of humpback whales, a Thai elephant orchestra, or the interlocking duets of Gibbons be considered music? In trying to answer this question, it is important to separate the notions of “music” and “musicality.” Since a definition of music can easily be stretched to include all types of sound, noises, and even plain silence, it makes the discussion of what is and what is not music one of the most noticeable pitfalls in the study of music and evolution. We define musicality as a natural, spontaneously developing trait based on and constrained by our cognitive system, and music as a social and cultural construct based on that very musicality. Without musicality no music. With this important distinction, it is possible to talk about musicality without being trapped into the discussion of what is or is not meant by “music.” In order to know the evolution of music, we will need to know the basic cognitive components that make up musicality.'

[1] http://onlinelibrary.wiley.com/doi/10.1111/j.1756-8765.2012.01210.x/abstract

"

Post a Comment